Baas onder eigen hoofddoek

Toen het Koninklijk Atheneum in Antwerpen onlangs een hoofddoekenverbod invoerde, barstte het debat weer helemaal los. Omdat de meeste scholen in Antwerpen allang zo'n verbod kennen, en omdat de moslima's in dat atheneum naar verluidt onder steeds zwaardere sociale druk staan om een hoofddoek te dragen, besloot de directrice dat het beter was om een verbod in te voeren. Toen de bekende imam Nordine Taouil alle ouders opriep om, uit protest tegen de maatregel, hun kinderen op 1 september thuis te houden, was de reactie zo fel dat hij meteen gas moest terugnemen. Niet dat Taouil veel indruk had gemaakt op zijn achterban. 'Wij zijn zeker niet van plan om thuis te blijven, zoals hij heeft aangeraden', zei een moslima in de krant. 'Wij willen naar de universiteit, een diploma halen. En later een goede baan. We vinden wel een andere school waar we onze hoofddoek mogen dragen, desnoods in Mechelen of Sint-Niklaas.'

© Kim

In de betogingen en protestmeetings die ze een week lang organiseerden, toonden de moslima's - mondige meiden, sommigen met, anderen zonder hoofddoek - een paar pittige slogans.

'Iedereen vrij, behalve wij.'

'Democratie, geen discriminatie.'

'Jullie zijn de onderdrukkers, niet wij.'

Hebben ze een punt? Jazeker. Er zijn drie goede argumenten tégen het hoofddoekenverbod.

1. DIT IS NIET ONS LAND

Filip Buntinx en Kris Gysels, twee relatief onbekende Antwerpse Open VLD'ers, waren flink onder de indruk van de protesterende moslima's. 'Zelden hebben we een dergelijk hoogstaand publiekelijk debat mogen meemaken', schreven ze in een opiniestuk. 'En daar willen we de Antwerpse moslima's voor feliciteren en bedanken.' Als dat hoofddoekenverbod bedoeld is om deze meisjes te emanciperen, vonden beide heren, dan is het een beslissing die volledig haar doel mist: 'De Antwerpse moslima's hebben bewezen dat ze die maatregel niet nodig hebben om deel te kunnen uitmaken van onze samenleving.'

Flauwekul, vond Marc De Vos, rechtsgeleerde aan de UGent en directeur van de denktank Itinera. 'De meest absurde claim over de Antwerpse hetze is dat de mondigheid en assertiviteit van de betogers een symbool van integratie zou zijn. Het is precies het omgekeerde. We moeten ontnuchterd constateren dat opleiding en taal noodzakelijke maar geen voldoende voorwaarden zijn voor een werkelijke integratie in het nieuwe vaderland. Of maken we straks Osama Bin Laden tot nieuwe Belg met enkele overuren inburgeringsnederlands?'

Wij moeten op onze beurt ontnuchterd constateren dat een academische positie en het directeurschap van een heuse denktank geen voldoende voorwaarden zijn voor een helder redeneervermogen. Professor De Vos maakt hier immers een enorme denkfout: België is helemaal niet het nieu we vaderland van die moslima's in het Antwerpse atheneum. Die meisjes zijn hier geboren en getogen. En met Osama Bin Laden hebben zij niets te maken - die vergelijking is zelfs een beetje aan de ranzige kant.

Het idee dat eigenlijk alleen blanke, autochtone Vlamingen hier thuishoren, zat duidelijk verstopt in de laatste verkiezingsslogan van het Vlaams Belang: Dit is ONS land . Maar de eenvoudige waarheid luidt als volgt: dit is niet ons land - als 'ons' betekent: blanke, autochtone, hoofddoekloze Vlamingen. Dit is het land van iedereen die hier woont, van iedereen die hier geboren en getogen is, ook van moslima's, met of zonder hoofddoek.

2. DIT SCHAADT DE ZWAKSTE

Het hoofddoekendebat in scholen heeft zogezegd de bedoeling om de moslima die zich wenst te emanciperen een hart onder de riem te steken, om haar de gelegenheid te bieden om tenminste op de schoolbanken niet langer het symbool van haar onderdrukking te moeten dragen. Een van de grootste voorvechters van dat emancipatiestreven is Dirk Verhofstadt, broer van de ex-premier, en kernlid van de denktank - jawel, er wordt wat afgedacht in Vlaanderen - Liberales. In zijn boek De derde feministische golf schreef hij: 'De strijd voor meer individualisme - het recht voor een vrouw om zelf te beslissen over haar eigen leven - is zonder twijfel de belangrijkste uitdaging van de derde feministische golf. Sinds de tweede feministische revolutie kwamen heel wat westerse vrouwen tot dit inzicht. Vandaag is het een fundamentele stap voor moslima's en andere vrouwen die om culturele of religieuze redenen onderdrukt worden, zowel hier als elders, om hetzelfde te bereiken.'

Het sterkste argument tegen het hoofddoekenverbod kwam van Meyrem Almaci, Kamerlid voor Groen!. 'De vraag is of de negatieve druk op jonge moslimmeisjes zal weggenomen worden door een verbod', schreef ze in een opiniestuk. 'Het enige wat we weten is dat een dergelijk verbod zeker één groep effectief zal treffen: de jonge moslimmeisjes zelf. Als een kind van thuis uit gedwongen wordt een hoofddoek te dragen, en de school besluit daarom de hoofddoek te verbieden, dan zullen de ouders of andere familieleden - die de jongere deze dwang opleggen - op zoek gaan naar een andere school. Of ze halen hun kind zo snel mogelijk weg van school. Nochtans is het aanbieden van scholing aan kinderen die onder dwang staan, juist de beste garantie om uit die spiraal te raken.'

Kortom, het hoofddoekenverbod schaadt vooral de zwakste partij in dit hele verhaal: de meisjes die effectief worden verplicht om een sluier dragen. Zij worden door dat verbod geen stap vooruit geholpen, wel zeer integendeel.

'Waar zijn we mee bezig als talentvolle meisjes hun hele toekomst ondergeschikt maken aan hun hoofddoek?' vroeg de directrice van het Koninklijk Atheneum zich af. Het is de verkeerde vraag. Ze moet worden omgedraaid: waar zijn we mee bezig als deze samenleving de hoofdbedekking van talentvolle meisjes belangrijker vindt dan hun kansen op het beste diploma?

3. DIT IS NIET HET PROBLEEM

Over weggegooid talent gesproken. Men zegt weleens dat de problemen van de multiculturele samenleving lang onder de mat werden geschoven. En dat klopt. Dat gebeurt vandaag nog altijd. Eén van de allergrootste problemen raakt maar niet bovenaan de politieke agenda: de onaanvaardbaar hoge werkloosheid in de allochtone gemeenschap. Dat die achterstand mede te wijten is aan discriminatie op de werkvloer wordt in de Rechtse Kerk door steeds meer mensen ontkend - zo zei Jean-Marie Dedecker eerder dit jaar in Knack : 'Ik geloof niet in discriminatie, nee.' En als wordt bewezen dat die discriminatie bestaat, zoals onlangs in het dossier-Adecco, dan doen vertegenwoordigers van de werkgevers alle moeite van de wereld om het probleem in zijn juiste context te plaatsen - lees: te minimaliseren.

Wie de emancipatie van moslima's in het bijzonder en die van de allochtone gemeenschap in het algemeen voor ogen heeft, moet op z'n minst óók iets doen aan de discriminatie op de arbeidsmarkt. Misschien een ideetje voor de een of andere denktank? Marc De Vos van Itinera gaf alvast de voorzet: volgens hem hebben we nood aan 'een breed offensief om de schrijnende sociale en economische achterstand van grote groepen migranten in te halen'.

Terugblikkend op zijn eerste ambtsperiode gaf de Vlaamse minister-president Kris Peeters begin dit jaar in Knack toe dat de overheid het goede voorbeeld moet geven inzake de bestrijding van discriminatie op de arbeidsmarkt: 'Wij moeten er eerlijk voor uitkomen dat wij er tot dusver onvoldoende in geslaagd zijn om mensen van allochtone origine bij de overheid in dienst te nemen. Op dat vlak moeten we de volgende jaren bijkomende stappen zetten.'

Naima Charkaoui, coördinator van het Minderhedenforum, bespeurde in het nieuwe regeerakkoord alvast een paar nobele voornemens. Zo zou het onder meer de bedoeling zijn om een masterplan uit te werken met specifieke aandacht voor de noden van etnisch-culturele minderheden. Het valt te hopen dat de nieuwe Vlaamse regering die ambitie ernstig neemt. Want het is dáárop dat de geschiedenis ons met z'n allen zal beoordelen.

DE UITGEBREIDE VERSIE VAN DIT INGEKORTE OPINIESTUK LEEST U DEZE WEEK IN KNACK.

Joël De Ceulaer

door Redactie Knack | | reacties | reageer hier

ongepaste reactie?


 
Joël De Ceulaer