Joel De Ceulaer

Waarom zelfs Dewinter soms een softie lijkt

Het debat over de multiculturele samenleving is het afgelopen decennium volkomen ontspoord. Met alle gevolgen van dien voor Dewinter en de zijnen.

Het gebeurde in de aanloop naar de regionale verkiezingen van juni 2009. In een tent in Kon­tich sprak de ooit zo controversiële volks­men­­ner Filip Dewinter zijn troe­pen toe. Eén van de hoog­tepunten uit zijn speech luidde als volgt - de decibels denkt u er maar even bij: 'Bij de VRT zijn ze vol­op op zoek naar nieu­we al­loch­to­ne presentatoren en soap­acteurs. Ik zeg: maak het u­zelf toch niet zo moei­lijk. Het is heel sim­pel om meer al­lochtonen op te­le­vi­sie bij de VRT te krij­gen. Zend in plaats van één keer, twee of drie of vier keer de uit­zending Op­­­spo­­ring Ver­zocht uit. En dan hébt u meer alloch­to­nen op te­le­vi­sie.'

Toen wij dat bewuste fragment de volgende ochtend op Radio 1 hoorden, vonden wij niet dat Filip Dewinter hiervoor moest worden berispt of aangeklaagd. Nee, toen wij dit fragment hoor­­den, maakte een spontane lachbui zich van ons meester en vonden wij dat Filip De­win­ter dringend moest worden uitgenodigd voor Comedy Casino.

De dreiging heeft plaats gemaakt voor het amusement.

Zelf speelt hij nog tot geeuwens toe de­zelfde versleten plaat af: 'Ik word liever gevreesd dan be­­mind.' Het is geen van beide meer, zo valt te vrezen voor hem. Fi­lip Dewinter is ir­­­re­le­vant ge­­wor­­­­den. Hij heeft een cruciale rol gespeeld, maar wat vandaag van hem overblijft, is: circus, fol­­klo­­re, humor - wellicht wordt hij ooit nog een cultfiguur.

De Slimste Mens wenkt.

Het Vlaams Belang had zich dat gevecht tussen de zogenaamde gematigden in de om­­geving van Marie-Rose Morel en de zogenaamde hardliners onder leiding van Filip De­win­ter kunnen be­­sparen. Zelfs Filip Dewinter lijkt vandaag soms een softie.
Dat is, in tegenstelling tot wat men op het eerste gezicht zou kunnen vermoeden, geen goed nieuws. Het wijst namelijk op een hoge mate van gewenning, en op 's mans diep­gaan­de in­vloed op het maatschappelijk debat. Een paar jaar geleden werd filosoof Etienne Ver­meersch in dit blad uitgeroepen tot de in­vloed­­rijkste intellectueel van Vlaanderen. Men zou met ont­hut­send gemak kunnen betogen dat die eer eigenlijk Filip Dewinter toe­komt. Het pu­blieke de­bat qua multiculturele samenleving is de af­ge­lo­pen tien jaar dermate ont­spoord en verhard, dat Dewinter geen uitzondering meer vormt, geen extreme stem meer is, geen af­wij­ken­de mening meer heeft.

Dat tragische lot heeft hij zichzelf in hoge mate op de hals gehaald. Geheel con­form de be­gin­selen van de legen­da­rische Ita­­liaan­­se communist An­tonio Gramsci (1891-1937) heeft de VB-kopman de afgelopen twin­tig jaar voor­al een cul­turele strijd gestreden. De gees­ten ge­mas­seerd. 'Je moet eerst de gees­­ten ver­o­ve­ren voor je po­litiek kunt scoren', zei hij daarover be­gin 2009 nog in Knack. 'In dat op­­­­zicht heb­ben wij het cor­don sanitaire al honderdduizend keer door­­broken. Wij hebben de gees­­ten zo­danig beïnvloed dat onze ideeën ongemerkt zijn door­­ge­­­sijpeld in de sa­men­le­ving. Gro­­­te groe­pen mensen hangen ons ideeëngoed aan en ko­pië­ren on­­ze taal, vaak zelfs zon­der het te be­seffen. Dat zijn onze beste propagandisten.'

Dewinter heeft gelijk. Wat is, als het over de multiculturele samenleving gaat, het cen­­­­­trale punt van het Vlaams Belang anno 2009? In twee zinnen: 'Wie Vlaming wil wor­den on­­­­­­der de Vla­mingen, is welkom. Voor wie dat niet wil, is hier geen plaats.' Het lijdt geen glimp van twij­fel dat een verpletterende meer­der­heid van de Vlamingen er vandaag in­der­­­­daad pre­­­cies zo over denkt. Onbewust of bewust, ex­pliciet of impliciet. Zelfs onder linkse kie­zers zou die stel­ling weleens op grote in­stem­­ming kunnen rekenen. De be­lang­rijk­ste deun­tjes uit de jukebox van De­winter zijn er, bij de gratie van eindeloze her­ha­­ling, ook bij veel van zijn te­­genstanders on­­uit­wis­baar ingesijpeld.

Sta ons toe daarvan een paar voorbeelden te geven.

Excuses voor de volkstribuun

Voorbeeld één: volgens Dewinter is dit ons land, het land van het eigen volk.

Zelfs mensen die hier geboren en getogen zijn, moeten zich volgens hem aan ons, aan dat eigen volk, aan­pas­­sen - moslima's met een hoofddoek, bijvoorbeeld. Dat ook volstrekt integere mensen, die van geen greintje kwade wil kunnen worden verdacht, er onbewust zo over denken, werd dui­de­­lijk toen VRT-journalist Lieven Verstraete in Terzake een moslima met hoofddoek in­ter­view­de. Op een bepaald moment zei hij tegen haar dat het - en wij citeren - 'in onze sa­men­le­ving' de gewoonte is om religieuze uitingen tot de privésfeer te beperken. Die moslima had moe­ten antwoorden: 'Mijnheer Verstraete, dit is niet uw samenleving, dit is ook mijn sa­men­le­­ving, in die zin is het dus inderdaad onze samenleving.'

Voorbeeld twee: Dewinter denkt dat de islam het grootste gevaar is dat ons de ko­­men­de ja­ren bedreigt.

Ook op dat punt krijgt hij steeds meer supporters. Zo schreef pu­bli­cist Benno Bar­nard over Inch'Allah?, het laatste boek van Dewinter: 'Het is een vre­se­lij­ke ge­dach­te, bidt al­len voor mij - maar ik vrees dat de volks­tribuun in globo gelijk heeft met zijn is­lamkritiek. (...) De strekking van Inch'Allah? wijkt niet noemenswaardig af van de strek­­king van stukken en manifesten die Salman Rushdie, Bernard-Henri Lévy en Ian Mc­­E­wan heb­­ben gepubliceerd en ondertekend, om nog maar te zwijgen van de waar­schu­wen­de woor­­den van intellectuelen die de moslimwereld zijn ontvlucht - en die we maar liever in de steek la­­ten omdat hun bood­schap ons veel te zenuwachtig maakt. Die strek­king luidt dat de is­­lam als politieke ideologie een grote zwarte steen van mannelijke agres­sie, inktzwart ob­scu­ran­­­­tis­me en diepe ach­ter­lijk­heid is, gericht tegen alles wat ons dier­baar is of zou moeten zijn.'

Voorbeeld drie: 'Waar is de poen van uw pensioen? In de pocket van Mohammed.'

Als De­win­­­ter zoiets zegt, weerklinken alom tra­di­tio­ne­le kreten van verontwaardiging. Als Jean-Ma­­­­rie Dedecker dezelfde oneliner in Hoofddoek of blinddoek over een heel boek uit­­­­­smeert, dan zou­den journalisten een moord begaan om hem toch maar als eerste te kunnen in­­­­ter­vie­wen.

Voorbeeld vier: volgens Dewinter heeft het cordon sanitaire niets te maken met zijn racisme, maar is het de methode die het linkse, Belgische esta­blish­­ment ge­bruikt om aan de macht te blij­ven. Volslágen nonsens, natuurlijk - maar wat la­zen wij on­langs in een Knack-interview met politoloog Bart Maddens, naar wie een heuse com­­mu­nau­­­taire doctrine is ver­noemd? Wel­nu, het volgende: 'Sommige men­sen grij­­­pen het xe­nofobe karakter van die partij dank­baar aan om het separatisme te be­strij­den. (...) Het is na­ïef om te geloven dat het Vlaams Be­lang lou­ter uit antiracistische over­we­gingen wordt be­kampt.'

Het is vandaag zover gekomen dat men hetzelfde kan zeggen of bedoelen als De­winter, ter­wijl men zich tegelijk van hem distantieert. Laten wij - bidt allen voor ons - het ook maar eens opnemen voor de verguisde volkstribuun: die dubbelzinnige houding is in­tel­lec­tueel niet erg moedig of eerlijk. Wie Dewinter jarenlang bestreden heeft, maar het ondertussen met hem eens is, zou daar weleens voor mogen uitkomen. Allicht zijn zelfs excuses op hun plaats.

Het probleem wordt ontkend

Zelfs wie het niet met hem eens is, geeft Dewinter gelijk. Schier on­tel­baar zijn de po­­­litici, jour­na­lis­­ten en academici die er onvermoeibaar op wijzen dat het Vlaams Blok van meet af aan 'de juis­te pro­ble­men' sig­na­leerde en 'de vinger op de wonde' leg­­de, zulks boven­dien in schril con­trast met de linkerzijde, die dezelfde pro­ble­men lan­ge tijd zou heb­­ben 'ont­­kend', 'ge­­­mi­ni­ma­­­li­seerd' of 'onder de mat geveegd'. Over die laat­ste bewering zou ie­mand eens een doc­­to­raal­­scrip­tie moeten maken, want wij vragen ons af door wie precies en tot wan­neer pre­cies die zo­­ge­naamde ontkenning heeft plaatsgevonden.

Het beste voorbeeld: Louis Tobback was halfweg de jaren negentig van de vorige eeuw als toen­malig SP-voorzit­ter al 'flinks', zoals dat toen heette. Hij was dat overigens mede onder im­puls van VUB-so­cio­loog Mark Elchardus, de troeteldenker van progressief Vlaanderen.

En sinds 2000 geniet de Nederlandse publicist Paul Scheffer, naar verluidt een overtuigd so­ci­aal­­de­­­mocraat, bij heel wat mensen ter linkerzijde een soort heldenstatus, en wel omdat hij in een on­dertussen legendarisch opiniestuk in de Nederlandse krant NRC Handelsblad gewag maakte van 'het multiculturele drama'.

Een merk­waar­dig essay was dat trouwens. Schef­fer legde de vinger op de wonde, hij signaleerde het juiste pro­bleem, te weten: de on­duld­bare so­­ciaal­eco­nomische achterstand van een groot deel van de al­­lochtone bevolking. Zijn ver­­kla­ring schoot evenwel te kort, aangezien hij haast geen aan­dacht had voor het structurele ra­­­cis­me en de bijbehorende discriminatie. Dat probleem wordt na­melijk, ook bij ons, steeds har­­­der ont­kend, geminimaliseerd en onder de mat ge­veegd.

Om maar te zeggen: de ontsporing van het debat over de multiculturele samenleving is niet be­­­­gonnen op 11 september 2001, maar is jaren daarvoor al ingezet. Wat de aanslagen op het WTC in New York aan het debat hebben toegevoegd, is een gedroomd alibi om lelijke dingen te zeggen over medeburgers zonder nog langer van racisme te worden be­schul­­digd. Sinds 11 sep­­tember 2001 (tussen haakjes: 11 september is de verjaardag van Filip Dewinter) gaat het de­bat immers over 'de islam'. En als je via 'de islam' de moslims schoffeert, ben je geen ra­cist meer, maar doe je aan 'ideologiekritiek' en is zowat alles geoorloofd.

Over de woordenschat die wordt gebezigd in dat debat zei de Britse hersenwetenschapster Kathleen Taylor onlangs in Knack: 'De terminologie die wij gebruiken als we het over mos­lims hebben, ver­ontrust mij zeer. Vaak gebeurt dat dan nog door men­sen die be­ter zouden moe­ten weten: po­­litici, journalisten, academici... Zeker in Europa heb­ben wij geen enkel ex­cuus om op die ma­nier over mensen te praten, net omdat wij het voor­beeld van de nazi's heb­ben, omdat we we­ten hoe krachtig taal kan zijn. Termen zoals 'over­spoelen' en 'dum­pen' wer­den aan­van­ke­lijk alleen gebruikt door extreemrechts, maar ze zijn gaandeweg in het main­stream­debat ge­slo­pen. Dat is bijzonder nefast, omdat ons brein op een heel concrete ma­nier werkt: als het 'over­spoelen' hoort, maakt het de associatie met ver­drinken, als het 'dum­pen' hoort, maakt het de associatie met afval. Het is compleet on­ge­recht­vaardigd om op die manier over mensen te praten. Maar de meeste politici en opi­nie­ma­kers denken kennelijk dat taal he­le­maal niet zo be­langrijk is.'

Met huiveringwekkend gemak is men ook ter progressieve zijde de afgelopen jaren over­ge­gaan tot het ge­­bruik van onaanvaardbare woorden, die - laten we het niet ontkennen, mi­ni­ma­li­­seren of onder de mat vegen - perfect zouden hebben gepast in de jaren dertig van de vorige eeuw. Zo mag Yves Desmet, commentaarschrijver van De Morgen, er prat op gaan dat hij het woord 'kutmarokkaantjes' bij ons introduceerde, een woord dat Filip Dewinter nooit als eerste in het open­baar zou hebben durven te gebruiken.

Een verlangen naar symmetrie

De Morgen valt overigens nog een fundamentele fout te verwijten. De krant heeft de Ara­bisch Europese Liga en haar eerste leider, Dyab Abou Jahjah, altijd aangevallen. Dat ge­beur­de van­uit het ver­langen naar een soort symmetrie: als je jarenlang het Vlaams Blok/Belang hebt be­­­streden, moet je - zo luidde wellicht de redenering - ook de extremisten aan de andere kant be­­­­strij­den. De denkfout van De Morgen bestond hierin: de AEL en Dyab Abou Jahjah be­tra­den het pu­blie­­ke forum niet als ideologische tegenhangers van het Vlaams Belang, maar als vol­strekt le­gi­tie­me vertolkers van een soci­aal­­eco­no­­misch eman­ci­pa­tiestreven. Zeer assertief, ja­zeker, maar assertiviteit is tot nader order niet straf­baar.
Uiteraard reed niet alleen De Morgen in de gracht. Haast niemand slaagde erin om ten aan­zien van de AEL het hoofd koel te houden. De beschavingen botsten erop los.

En zo beleven wij vandaag, in de woorden van Wim Van Rooy, 'een apocalyptische schei­ding der geesten' - tussen mensen die geloven dat het mogelijk is om samen te leven met mos­­­­­lims, en mensen die geloven dat dat niet mogelijk is. De vraag is alleen wat er moet ge­beu­­­ren met onze islamitische medeburgers, als samenleven niet mogelijk is.

In zijn hoedanigheid van vrijmetselaar kan Van Rooy, auteur van De malaise van de mul­ti­cul­­turaliteit, symbool staan voor dat andere verlangen naar symmetrie, dat men vooral on­der atheïs­ten aantreft. Heel wat, veelal linkse, godslasteraars realiseerden zich na 11 september 2001 plot­­se­ling dat veel allochtone medeburgers mos­lim zijn. En dat wij, om een bekende one­liner te citeren, niet aan de imam mo­gen geven wat wij van de bisschop hebben af­ge­pakt. Zoals deze godslasteraars vroeger de Kerk hebben be­kampt - ziehier de symmetrie - zo be­kam­­pen zij van­daag de islam. Als God niet bestaat, dan Allah ook niet.

Weldra zal evenwel blijken dat het debat dat wij vandaag voeren, grotendeels bezijden de kwes­­tie is. Dat we veeleer terug moeten naar een sociaaleconomische analyse, dat we vooral moe­ten pro­beren om de discriminerende grendels in onze scholen en op onze arbeidsmarkt weg te wer­ken. Er wordt de afgelopen maanden steeds vaker gepraat over quota voor vrouwen - bij de overheid, in raden van bestuur. Quota voor allochtonen blijft een van de grootste ta­boes van deze tijd. Vraag: is er iemand die durft beweren dat vrouwen vandaag harder gediscrimi­neerd worden dan mensen die behoren tot etnisch-culturele minderheden?

Het slotwoord is voor Sami Zemni, de Gentse politoloog die met Het islamdebat onlangs een belangrijk boek pu­bli­­ceerde, maar nog niet op een fractie van de aandacht kan rekenen die Jean-Marie Dedecker te beurt valt: 'Een harmonieuze samenleving zal er nooit komen, hoog­uit een samenleving waarin we conflicten kunnen oplossen op een vreed­zame manier. Ik denk wel dat het islamdebat over afzienbare tijd minder belangrijk zal wor­den. Vandaag zijn het is­lam­debat en het migratiedebat nog volledig met elkaar ver­stren­geld. En daardoor pro­beert men allerlei migratieproblemen op de rekening van de islam te schrij­ven. Dat zal niet blij­­ven du­­ren. Ik vermoed dat men er de komende jaren alles aan zal doen om de deur zo dicht mo­­ge­lijk te houden voor moslims, en vooral andere groepen toe te la­ten - mensen van wie we van­daag vinden dat ze beter op ons lijken. En met die groepen zul­len vroeg of laat precies de­zelf­de problemen opduiken.'

Joël De Ceulaer

door Redactie Knack | | reacties | reageer hier

 

Baas onder eigen hoofddoek

Toen het Koninklijk Atheneum in Antwerpen onlangs een hoofddoekenverbod invoerde, barstte het debat weer helemaal los. Omdat de meeste scholen in Antwerpen allang zo'n verbod kennen, en omdat de moslima's in dat atheneum naar verluidt onder steeds zwaardere sociale druk staan om een hoofddoek te dragen, besloot de directrice dat het beter was om een verbod in te voeren. Toen de bekende imam Nordine Taouil alle ouders opriep om, uit protest tegen de maatregel, hun kinderen op 1 september thuis te houden, was de reactie zo fel dat hij meteen gas moest terugnemen. Niet dat Taouil veel indruk had gemaakt op zijn achterban. 'Wij zijn zeker niet van plan om thuis te blijven, zoals hij heeft aangeraden', zei een moslima in de krant. 'Wij willen naar de universiteit, een diploma halen. En later een goede baan. We vinden wel een andere school waar we onze hoofddoek mogen dragen, desnoods in Mechelen of Sint-Niklaas.'

İ Kim

In de betogingen en protestmeetings die ze een week lang organiseerden, toonden de moslima's - mondige meiden, sommigen met, anderen zonder hoofddoek - een paar pittige slogans.

'Iedereen vrij, behalve wij.'

'Democratie, geen discriminatie.'

'Jullie zijn de onderdrukkers, niet wij.'

Hebben ze een punt? Jazeker. Er zijn drie goede argumenten tégen het hoofddoekenverbod.

1. DIT IS NIET ONS LAND

Filip Buntinx en Kris Gysels, twee relatief onbekende Antwerpse Open VLD'ers, waren flink onder de indruk van de protesterende moslima's. 'Zelden hebben we een dergelijk hoogstaand publiekelijk debat mogen meemaken', schreven ze in een opiniestuk. 'En daar willen we de Antwerpse moslima's voor feliciteren en bedanken.' Als dat hoofddoekenverbod bedoeld is om deze meisjes te emanciperen, vonden beide heren, dan is het een beslissing die volledig haar doel mist: 'De Antwerpse moslima's hebben bewezen dat ze die maatregel niet nodig hebben om deel te kunnen uitmaken van onze samenleving.'

Flauwekul, vond Marc De Vos, rechtsgeleerde aan de UGent en directeur van de denktank Itinera. 'De meest absurde claim over de Antwerpse hetze is dat de mondigheid en assertiviteit van de betogers een symbool van integratie zou zijn. Het is precies het omgekeerde. We moeten ontnuchterd constateren dat opleiding en taal noodzakelijke maar geen voldoende voorwaarden zijn voor een werkelijke integratie in het nieuwe vaderland. Of maken we straks Osama Bin Laden tot nieuwe Belg met enkele overuren inburgeringsnederlands?'

Wij moeten op onze beurt ontnuchterd constateren dat een academische positie en het directeurschap van een heuse denktank geen voldoende voorwaarden zijn voor een helder redeneervermogen. Professor De Vos maakt hier immers een enorme denkfout: België is helemaal niet het nieu we vaderland van die moslima's in het Antwerpse atheneum. Die meisjes zijn hier geboren en getogen. En met Osama Bin Laden hebben zij niets te maken - die vergelijking is zelfs een beetje aan de ranzige kant.

Het idee dat eigenlijk alleen blanke, autochtone Vlamingen hier thuishoren, zat duidelijk verstopt in de laatste verkiezingsslogan van het Vlaams Belang: Dit is ONS land . Maar de eenvoudige waarheid luidt als volgt: dit is niet ons land - als 'ons' betekent: blanke, autochtone, hoofddoekloze Vlamingen. Dit is het land van iedereen die hier woont, van iedereen die hier geboren en getogen is, ook van moslima's, met of zonder hoofddoek.

2. DIT SCHAADT DE ZWAKSTE

Het hoofddoekendebat in scholen heeft zogezegd de bedoeling om de moslima die zich wenst te emanciperen een hart onder de riem te steken, om haar de gelegenheid te bieden om tenminste op de schoolbanken niet langer het symbool van haar onderdrukking te moeten dragen. Een van de grootste voorvechters van dat emancipatiestreven is Dirk Verhofstadt, broer van de ex-premier, en kernlid van de denktank - jawel, er wordt wat afgedacht in Vlaanderen - Liberales. In zijn boek De derde feministische golf schreef hij: 'De strijd voor meer individualisme - het recht voor een vrouw om zelf te beslissen over haar eigen leven - is zonder twijfel de belangrijkste uitdaging van de derde feministische golf. Sinds de tweede feministische revolutie kwamen heel wat westerse vrouwen tot dit inzicht. Vandaag is het een fundamentele stap voor moslima's en andere vrouwen die om culturele of religieuze redenen onderdrukt worden, zowel hier als elders, om hetzelfde te bereiken.'

Het sterkste argument tegen het hoofddoekenverbod kwam van Meyrem Almaci, Kamerlid voor Groen!. 'De vraag is of de negatieve druk op jonge moslimmeisjes zal weggenomen worden door een verbod', schreef ze in een opiniestuk. 'Het enige wat we weten is dat een dergelijk verbod zeker één groep effectief zal treffen: de jonge moslimmeisjes zelf. Als een kind van thuis uit gedwongen wordt een hoofddoek te dragen, en de school besluit daarom de hoofddoek te verbieden, dan zullen de ouders of andere familieleden - die de jongere deze dwang opleggen - op zoek gaan naar een andere school. Of ze halen hun kind zo snel mogelijk weg van school. Nochtans is het aanbieden van scholing aan kinderen die onder dwang staan, juist de beste garantie om uit die spiraal te raken.'

Kortom, het hoofddoekenverbod schaadt vooral de zwakste partij in dit hele verhaal: de meisjes die effectief worden verplicht om een sluier dragen. Zij worden door dat verbod geen stap vooruit geholpen, wel zeer integendeel.

'Waar zijn we mee bezig als talentvolle meisjes hun hele toekomst ondergeschikt maken aan hun hoofddoek?' vroeg de directrice van het Koninklijk Atheneum zich af. Het is de verkeerde vraag. Ze moet worden omgedraaid: waar zijn we mee bezig als deze samenleving de hoofdbedekking van talentvolle meisjes belangrijker vindt dan hun kansen op het beste diploma?

3. DIT IS NIET HET PROBLEEM

Over weggegooid talent gesproken. Men zegt weleens dat de problemen van de multiculturele samenleving lang onder de mat werden geschoven. En dat klopt. Dat gebeurt vandaag nog altijd. Eén van de allergrootste problemen raakt maar niet bovenaan de politieke agenda: de onaanvaardbaar hoge werkloosheid in de allochtone gemeenschap. Dat die achterstand mede te wijten is aan discriminatie op de werkvloer wordt in de Rechtse Kerk door steeds meer mensen ontkend - zo zei Jean-Marie Dedecker eerder dit jaar in Knack : 'Ik geloof niet in discriminatie, nee.' En als wordt bewezen dat die discriminatie bestaat, zoals onlangs in het dossier-Adecco, dan doen vertegenwoordigers van de werkgevers alle moeite van de wereld om het probleem in zijn juiste context te plaatsen - lees: te minimaliseren.

Wie de emancipatie van moslima's in het bijzonder en die van de allochtone gemeenschap in het algemeen voor ogen heeft, moet op z'n minst óók iets doen aan de discriminatie op de arbeidsmarkt. Misschien een ideetje voor de een of andere denktank? Marc De Vos van Itinera gaf alvast de voorzet: volgens hem hebben we nood aan 'een breed offensief om de schrijnende sociale en economische achterstand van grote groepen migranten in te halen'.

Terugblikkend op zijn eerste ambtsperiode gaf de Vlaamse minister-president Kris Peeters begin dit jaar in Knack toe dat de overheid het goede voorbeeld moet geven inzake de bestrijding van discriminatie op de arbeidsmarkt: 'Wij moeten er eerlijk voor uitkomen dat wij er tot dusver onvoldoende in geslaagd zijn om mensen van allochtone origine bij de overheid in dienst te nemen. Op dat vlak moeten we de volgende jaren bijkomende stappen zetten.'

Naima Charkaoui, coördinator van het Minderhedenforum, bespeurde in het nieuwe regeerakkoord alvast een paar nobele voornemens. Zo zou het onder meer de bedoeling zijn om een masterplan uit te werken met specifieke aandacht voor de noden van etnisch-culturele minderheden. Het valt te hopen dat de nieuwe Vlaamse regering die ambitie ernstig neemt. Want het is dáárop dat de geschiedenis ons met z'n allen zal beoordelen.

DE UITGEBREIDE VERSIE VAN DIT INGEKORTE OPINIESTUK LEEST U DEZE WEEK IN KNACK.

Joël De Ceulaer

door Redactie Knack | | reacties | reageer hier

 

Formatteren met Siegfried

Uit de verkiezingsprogramma's op de openbare omroep blijkt eens te meer dat de VRT-nieuwsdienst het spoor vollédig bijster is. Hoe is het zover kunnen komen?

Sinds Siegfried Bracke een jaar of tien geleden van zijn paard werd gebliksemd - waarover straks meer - kan er op de nieuwsdienst van de VRT geen balpen meer worden aangekocht, laat staan een programma bedacht, of er moet eerst worden onderzocht of zulks wel in overeenstemming kan worden gebracht met het behoeftepatroon van de modale kijker.

Het gebeurt ook dat men de kijker na áfloop van een programma nog eens gaat vragen of alles naar wens was. Dat leerden wij onlangs van Kris Hoflack, de man die samen met Siegfried Bracke de plak zwaait over duidings- en verkiezingsprogramma's. 'Het is inderdaad veel', antwoordde hij in De Morgen op de vraag of de VRT niet te veel verkiezingsprogramma's maakt. 'Maar na elke verkiezing doen wij een grootschalig kijkersonderzoek en daaruit is nog nooit gebleken dat het onze kijkers te veel werd. Het is ook onze plicht om een hele waaier programma's aan te bieden in de hoop zoveel mogelijk mensen te informeren over die verkiezingen. Dat betekent dat je bijvoorbeeld op Eén een programma brengt zoals dat van Siegfried dat zich richt op een breed publiek. Maar daarnaast hebben we ook programma's voor mensen die echt van A tot Z geïnformeerd willen zijn. Terzake 09 bijvoorbeeld, of De Kei en 09 . Maar het is als openbare omroep je plicht om alle mensen te bedienen.'

Een nobel streven. Maar wordt het ook verwezenlijkt? Zoals Hoflack het als zijn plicht beschouwt om ons van A tot Z te informeren, zo beschouwen wij het als onze plicht om hem te waarschuwen dat de verkiezingsprogramma's op de VRT vaak veeleer irriteren dan informeren. En nee, dat ligt voor één keer nu eens niet aan de politici - met hen hebben wij tot dusver vooral een diep mededogen gevoeld: de verkiezingsprogramma's zijn er niet om hen aan het woord te laten; de politici zijn er, zo lijkt het wel, om de verkiezingsprogramma's te vullen. Om hun rol te spelen in de zorgvuldig uitgekiende scenario's van de nieuwsdienst.

De politicus is voer voor de formats.

Nemen wij bijvoorbeeld Terzake 09 , dat exemplarisch kan worden genoemd voor deze evolutie. Wij hebben elke aflevering van A tot Z bekeken en elke keer waren wij weer helemaal buiten adem van het jachtige ritme dat Kathleen Cools en Lieven Verstraete moeten aanhouden om alles erin gepropt te krijgen. Dat programma knelt als een truitje dat twee maten te klein is. Tel even mee wat er allemaal in zit. Twee presentatoren. Drie politici: een centrale gast, een uitdager en een nieuwkomer. En politoloog Carl Devos als professioneel inleider, waarnemer en commentator. Met die zes aanwezigen moeten telkens drie stellingen worden behandeld. Het geheel wordt ingeleid door middel van een gesprek met de centrale gast, halverwege onderbroken voor een reportage, en afgesloten met een filmpje van een stelletje fratsenmakers dat zich De Kennedy's noemt. En dat duurt alles samen nauwelijks 25 à 30 minuten. Onder die omstandigheden is het begrijpelijk dat geen enkele gast ooit een voldragen gedachte kan formuleren, dat niemand het niveau van de versleten oneliner mag of kan overstijgen, en dat de kijker bijgevolg niet eens geïnformeerd raakt van A tot B.

Zoals men politici soms kan verwijten dat ze niet bezig zijn met de inhoud, maar met de poppetjes, zo kan men journalisten soms verwijten dat ze niet bezig zijn met de inhoud, maar met de formatjes.

Die strakke formattering van elk denkbaar programmaonderdeeltje wijst wellicht op een gebrek aan journalistiek zelfvertrouwen. Tijdens Vlaanderen 09 , de grote show op Eén waarmee op zondagavond 17 mei het verkiezingscircus opende, werd dat gebrek aan zelfvertrouwen pijnlijk duidelijk: om te allen prijze te vermijden dat het programma niet zichtbaar zou aansluiten bij de leefwereld van de modale Vlaming, had men zowaar een buslading modale Vlamingen aangevoerd, die allemaal hun eigen, zorgvuldig gerepeteerde vraagje mochten stellen.

Voorts was Vlaanderen 09 gebaseerd op een grootschalig onderzoek waaruit moest blijken waarvan de Vlaming houdt en waarvan hij zoal wakker ligt. 'Wij houden van eerlijkheid', wist Martine Tanghe ons te verrassen. 'En we zijn bang om onze job te verliezen.'

Men zou tijdens een van de volgende kijkersonderzoeken deze vraag misschien eens moeten stellen: wenst u dat journalisten u, door middel van een enquête, vrágen waar u van wakker ligt, of verkiest u dat ze u, na grondig onderzoek, zéggen waar u van wakker moet liggen?

De bekering van Bracke

Hoe is het ooit zover kunnen komen? Een samenvatting van het antwoord op die vraag gaf Siegfried Bracke onlangs zelf in een interview met Humo : 'Wij proberen de laatste jaren steeds in het belang van de kijker te denken, wat in het verleden weleens anders was. Ik heb zelf ook weleens een interview gedaan voor mijzelf. Of om mijn bazen te laten zien hoe slim ik wel was.'

Die redenering klopt. Er was inderdaad een tijd dat de modale journalist zich geen moer aantrok van de kijker, lezer, luisteraar. Dat uitte zich onder meer in het gebruik van veel nodeloos moeilijke woorden en belachelijk lange zinnen. De journalist wilde vooral bekeken, gelezen of beluisterd worden door zijn bazen, zijn collega's en de mensen over wie hij verslag uitbracht: de politici zelf, dus. De kijker, lezer, luisteraar, daarentegen, moest zich voortdurend vertwijfeld achter de oren krabben bij zoveel complexiteit en onbegrijpelijkheid.

Dat was het tijdperk van de journalistieke zelfbevrediging.

Toen de commercialisering toesloeg en kijkcijfers er ineens wél toe deden, werden de marketeers om hulp geroepen. Bij de VRT was het Jan Callebaut die met zijn toenmalige firma Censydiam de programmamakers kwam versterken. De lancering van Donna, een eerste initiatief op aangeven van Callebaut, was meteen een succes. 's Mans reputatie was gevestigd. Terecht. Callebaut is een van de zeldzame marketeers in Vlaanderen van internationaal kaliber.

Toch ligt in het succes van Censydiam ook de kiem van alle onheil. Niet vanwege de inzichten die Censydiam aanbood, wel vanwege wat onder meer Siegfried Bracke met die inzichten heeft gedaan. Ruim tien jaar geleden woonde Bracke een door Censydiam georganiseerde visie bij. De details zijn ons niet bekend, maar het verliep ongeveer als volgt: in een afgesloten kamer zat een aantal modale Vlamingen naar een politiek VRT-programma te kijken. Na afloop werd hen gevraagd om hun commentaar de vrije loop te laten. Wat vonden ze van het programma? Wat hadden ze ervan begrepen? Wat niet? Wat vonden ze van de presentator? Enzovoort. Enzovoorts.

Hun oordeel was genadeloos.

Wat de deelnemers aan dat testpanel niet wisten, is dat niemand minder dan Siegfried Bracke hen van achter een spiegel aan het gadeslaan was - als waren zij verdachten in een politiekantoor. Tevens waren zij zich niet bewust van de impact die hun kritiek had op hun prominente toeschouwer. Het was namelijk toen, op dat moment, op die plek, dat Siegfried Bracke naar eigen zeggen van zijn paard werd gebliksemd. Het nieuws, en zeker het politieke nieuws, moest voortaan hélemaal anders. Voortaan zou hij werken voor een Breed Publiek.

Op zich was dat een juiste, noodzakelijke beslissing. Het is inderdaad niet netjes als een journalist geen rekening houdt met zijn publiek. De vraag is alleen: wanneer moet hij rekening houden met dat publiek? Als hij zich afvraagt wát hij gaat vertellen? Of als hij zich afvraagt hóé hij het gaat vertellen? In dat eerste geval moet er om de haverklap een grootschalig kijkersonderzoek worden uitgevoerd. In het laatste geval moet een journalist gewoon heel hard zijn best doen om toegankelijk te zijn, zonder evenwel de zaken nodeloos te versimpelen, zonder de inhoud te verstoppen onder de vorm.

Op de nieuwsdienst van de VRT zijn die publieksgerichtheid en formatteringsijver de laatste jaren enigszins uit de hand gelopen. Alsof men, uit vrees dat de kijker door de bomen het bos niet meer ziet, ineens maar alles heeft kaalgekapt. In de verkiezingsprogramma's is dat duidelijk: de vorm wint het van de inhoud.

Maar ook in andere programma's heeft de versimpeling toegeslagen. In het journaal manifesteert zich dat in de neiging om alles te willen vertalen naar de leefwereld van de modale kijker. Zo komt het dat wij, als de post staakt, een interview te zien krijgen met een vrouw die haar brievenbus 's ochtends leeg heeft aangetroffen.

Is dat de schuld van de marketeers? Allerminst. Dat is de schuld van de journalisten. Van politici zegt men vaak dat ze zich te veel laten leiden door marketeers. Sommige journalisten zijn nog een stap verder gegaan en zijn zelf gaan denken als marketeers. Zonder daar vervolgens hun journalistieke creativiteit aan toe te voegen.

Wie De Stemming 09 met Bracke en Rik Torfs op Eén ondertussen heeft gezien, weet dat de VRT in dat opzicht een nieuw historisch dieptepunt heeft bereikt.

DIT IS EEN KORT FRAGMENT UIT EEN LANG ESSAY DAT WOENSDAG IN KNACK VERSCHIJNT.

Joël De Ceulaer

door Redactie Knack | | reacties | reageer hier

 

Brieven, bommetjes en bogen

Er wordt weer wat afgedreigd, tegenwoordig.

Het was een merkwaardig persbericht dat afgelopen donderdag opdook in onze mailbox: 'Auteur Kris Daels, die onlangs het boek 'Alpha 20 - undercoveragent bij de federale politie' heeft uitgegeven bij Van Halewyck, is op de hoogte gebracht door het federaal parket dat er informatie bestaat dat hij met de dood wordt bedreigd en dat de federale procureur de bedreigingen ernstig neemt.'

Behalve auteur is Kris Daels ook parlementair medewerker (schandalenspeurder, zeg maar) van Lijst Dedecker. Toch werd het persbericht - en dat is het merkwaardige - niet verstuurd door zijn partij maar door zijn uitgever, die overigens zo vriendelijk was om bij de mail een afbeelding te voegen van de cover van Alpha 20 . Dat heet: van de nood een deugd maken. De doodsbedreiging wordt EEN reclamestunt. Blijkbaar kent zelfs het slachtofferschap van Jean-Marie Dedecker grenzen, want hij had het nieuws ook eigenhandig als een politiek feit kunnen lanceren: LDD-medewerker met de dood bedreigd . Die boodschap kwam nu ook wel aan, maar pas in tweede instantie. Eerst het boek, dan de partij.

Hoewel ze er doorgaans wel de pers mee halen, pakken de meeste politici niet zwaar uit met bedreigingen aan hun persoon. Het is de gewoonte om veeleer laconiek te reageren. Zoals SP.A-boegbeeld Freya Van den Bossche vorige week deed nadat haar campagnewagen in brand was gestoken - ze vond het vooral 'jammer' dat haar team die auto nu niet meer kon gebruiken. Toen later haar huis met verfbommetjes werd beklad en een scheldbrief werd gedeponeerd op de auto van haar partner, reageerde ze nog steeds rustig en beheerst. Ze kreeg wel politiebescherming.

Dat politici zo terughoudend omspringen met bedreigingen, en zeker met doodsbedreigingen, heeft een aantal goede redenen. Ten eerste is het helaas niet bijzonder of ongewoon. Elke politicus van enige betekenis heeft het weleens meegemaakt - van nachtelijke telefoontjes tot kogels in de brievenbus. Voorts gaat men ervan uit dat blaffende honden niet bijten - wie echt een aanslag wil plegen, schrijft wellicht niet eerst een brief. Ten slotte, en niet het minst, is het beter om zulke zaken in relatieve stilte af te handelen, om andere gekken niet op ideeën te brengen.

In dat verband: In de Knack van deze week wordt onder meer teruggeblikt op de moordende autorit van Karst T. in Apeldoorn, en de onmiddellijke reflex van minister van Binnenlandse Zaken Guido De Padt om op 21 juli extra veiligheidsmaatregelen te nemen ter bescherming van de koninklijke familie. Dat Knack -artikel was net ter perse gegaan toen bekend raakte dat La Dernière Heure een brief heeft gekregen waarin koningin Fabiola met de dood wordt bedreigd.

Ook de vorstin reageerde onbevreesd: zaterdagavond woonde ze gewoon de Koningin Elisabethwedstrijd bij. Terecht. Uit het feit dat de zonderlinge briefschrijver zegt dat hij een kruisboog zal gebruiken, kan vooral worden afgeleid dat hij destijds vermoedelijk iets te veel interviews met Regina Louf heeft gelezen.

Joël De Ceulaer

door Redactie Knack | | reacties | reageer hier

 

Ocharme?

Wie Jean-Marie Dedecker wil sparen, dwaalt.

Moeten we de parlementaire toelage van Lijst Dedecker (ongeveer 250.000 euro per jaar) intrekken, nu de LDD-Kamerfractie (sinds de overstap van Dirk Vijnck naar Open VLD) nog maar vier leden telt in plaats van de vereiste vijf? Ziedaar de verscheurende vraag die de politieke concurrenten van Jean-Marie Dedecker moeten beantwoorden. Liberalen en socialisten zouden momenteel geneigd zijn om LDD droog te leggen, CD&V en N-VA daarentegen zouden veeleer geneigd zijn om LDD te sparen, en wel omdat ze naar verluidt bang zijn dat de partij daarmee een martelaarsrol toebedeeld krijgt. In De Morgen van vorige vrijdag vroeg 'een prominente bron' zich af: 'Hebben we dan niets geleerd uit de aanpak van het Vlaams Blok?' Lees: zou de harde aanpak niet contraproductief zijn en LDD alleen maar méér stemmen opleveren? Maken we van Jean-Marie op die manier geen Calimero, zoals het Vlaams Blok dat jarenlang is geweest?

Zucht. Onder die redenering gaat het hardnekkige misverstand schuil als zou het Vlaams Blok groot geworden zijn omdát die partij door iedereen genadeloos werd bestreden. Dat is om twee redenen historisch volkomen onjuist. Ten eerste hebben de andere partijen het nooit aangedurfd om het VB financieel droog te leggen, terwijl ze dat zeker hadden kunnen proberen - dus zo 'genadeloos' zijn ze nooit geweest. Ten tweede is het VB pas in 2004 de grootste partij van Vlaanderen geworden, en dat was wel degelijk jaren nadát de VRT onder leiding van Siegfried Bracke haar journalistieke deontologie (punt 1: de waarheid eerbiedigen) had ingeruild voor de zogenaamde normaliseringsstrategie (eerbiedig de waarheid niet langer en doe alsof het VB een normale partij is), met als legendarisch dieptepunt de vraag aan Filip Dewinter of hij eens een Marokkanenmop wilde vertellen.

De pijnlijke waarheid luidt als volgt: net zoals het VB een lange periode van electorale onschendbaarheid heeft gekend, kan Jean-Marie Dedecker zich vandaag welhaast alles permitteren zonder daar door de kiezer voor te worden afgestraft. Omdat hij namelijk precies hetzelfde doet als het VB vroeger: een latente boosheid bij een groot deel van het kiezerskorps meesterlijk ontginnen. Waar die boosheid op gericht is (de fiscus, de islam, het weer) maakt geen donder uit: wie boos is, stemt op 7 juni LDD. Zo simpel is dat. (Tussen haakjes: om de verkiezingsuitslag te duiden, doet men beter een beroep op psychologen dan op politologen.)

Zelfs al slaan alle politici de handen in elkaar om van Dedecker vooral géén martelaar te maken (door hem niets in de weg te leggen, altijd gelijk te geven én op gezette tijden een nekmassage toe te dienen) dan nog zal LDD straks een score neerzetten die menig waarnemer zal verbazen - met dien verstande dat het Vlaams Belang flink zal hebben ingeleverd.

Dus. Wie een betrouwbare manier zoekt om te voorkomen dat die dekselse Dedecker - een impulsieve man die zich voortdurend wentelt in het zelfbeklag dat hij anderen verwijt - op een ministerspost belandt, heeft maar één keuze. Eén instrument waarvan zelfs Dedecker toegeeft dat het in het geval van het VB feilloos heeft gewerkt: een cordon sanitaire.

Joël De Ceulaer

door Redactie Knack | | reacties | reageer hier

 

"Goeiemiddag kindertjes"

Radio 1 moet een knoop doorhakken.

Ofschoon de wereld in brand staat en men zich in tijden van crisis niet over álles druk kan maken, mogen we bepaalde details toch niet uit het oog verliezen.

Zo zouden wij, uit lou­ter vaderlandsliefde, even willen terugkomen op een minuscuul maar cruciaal kleinig­heid­je dat al eerder in deze kolommen onder de aandacht werd gebracht. Te weten: de verdwijning van de beleefde aanspreek­vorm op Radio 1.

Fijnbesnaarde luisteraars die nog zijn grootgebracht met enig benul van etiquette, sto­ren zich sinds de vernieuwing van Radio 1 mateloos aan het feit dat wij door een aantal presentatoren niet langer met 'u' worden aangesproken, maar doodgewoon met 'jij' en 'jou' - hetgeen gewel­­dig fa­mi­liair en bijgevolg een beetje onbeleefd is.

Mezzo-gastvrouw Ruth Joos legde onlangs in Knack nog eens uit hoe dat zo ge­ko­men is: 'Ra­dio 1 is sinds kort een jij-net geworden. Ik krijg die 'u' gewoon niet door mijn strot. U klinkt gewoon niet. Het bekt niet, het is ouderwets.'

Verderop in dat interview verklaarde Joos dat ze vindt dat er op radio en televisie 'op een nor­male manier' over cul­tuur moet worden ge­­spro­ken: 'Ik weiger de uitzending te beginnen met "goeiemiddag kin­dertjes, hier is juf Ruth".'

Op dat laatste punt heeft ze gelijk. Net daaróm is dat gejij en gejou ten aan­zien van de luis­te­raar zo ongepast. Jijen en jouwen doet men met vrienden en kennissen, niet met men­sen die men niet kent - tenzij het kindertjes zijn. Dus als juf Joos vindt dat er op een nor­male (lees: vol­wassen) manier over cultuur mag wor­den ge­praat, dan vindt ze vast ook dat de luis­te­raar op een vol­was­sen manier mag worden aan­ge­sproken.

Radio 1 is trouwens helemáál geen jij-net. Dat is weliswaar de officiële boodschap die op last van de marketingafdeling slaafs wordt uitgedragen door sommige presentatoren, maar de echt aandachtige luisteraar weet wel beter.

Mocht het u nog niet zijn opgevallen, moet u daar bij ge­le­genheid maar eens op letten: tijdens de nieuwsuitzendingen op Radio 1 - van De Och­tend tot en met Vandaag - worden we, althans qua aanspreekvorm, wél als grote mensen be­han­­­deld.

Per ongeluk, nemen wij aan: Lisbeth Imbo en co. volgen gewoon, zonder daar verder al te diep over na te denken, hun professionele buikge­voel als radiomakers. Of het moest zijn dat ze die 'jij' echt niet door hun strot krijgen, dat ze tegen de marketeers hebben gezegd: 'Je bekt niet, het is te nieu­wer­­wets.'

Hoe dan ook, op deze manier wordt Radio 1 stijlgewijs lelijk scheefgetrokken door een pijn­lij­ke incon­se­quentie, door een puinhoop der aan­spreek­vor­­men. In De Ochtend zijn wij 'u', in Mez­­zo worden wij 'jij', Imbo en co. blijven beleefd, Joos en co. denken dat ze op hun hurken moe­ten gaan zitten.

Laat het een nieuwjaarswens zijn: als kleine aandeelhouders van de open­ba­re omroep wensen wij dat over deze kwestie zo spoedig mogelijk duidelijkheid wordt ge­scha­pen. Bij dezen alvast een simpele vraag voor de gedelegeerd bestuurder: 'Geachte heer Wau­ters, wij vra­gen u dat jij hierover de knoop doorhakt.'

Joël De Ceulaer

door Redactie Knack | | reacties | reageer hier

 

Tof? Cool? Sexy? Wijs?

Caroline Gennez en co. vormen een fantástische ploeg. Om mee te doen aan De Pappenheimers , tenminste.

Socialisten zeggen vaak dat ze gedreven worden door 'verontwaardiging'. Het probleem is: hoe vaker je dat zegt, hoe ongeloofwaardiger het klinkt. Dat je verontwaardigd bent, moet je niet zozeer zéggen maar vooral tónen. Socialisten zeggen ook graag dat hun partij er is 'voor iedereen'. Het probleem is: dat gelooft niemand. De samenleving barst van de conflicten en dus moet je als politieke partij voortdurend, ahum, partij kiezen. Dat is politiek.

Om maar te zeggen: een echt verpletterende indruk maakte Pascal Smet niet, toen hij vorige week in De keien van de Wetstraat weer maar eens kwam verkondigen dat de SP.A er is 'voor iedereen' en dat hij nog altijd volop gedreven wordt door 'verontwaardiging'. Smet is een van die zeven SP.A-boegbeelden die vorige week in de Brusselse KVS het startschot gaven van een zogenaamde roadshow, een tournee door Vlaanderen waarin ze hun visie op het socialisme voor de komende dertig jaar zullen verkondigen. De andere zes verontwaardigde jongelingen zijn Kathleen Van Brempt, Peter Van Velthoven, John Crombez, Freya Vandenbossche, Bruno Tobback en uiteraard voorzitster Caroline Gennez.

En ja, deze mensen vormen een fantástische ploeg. Om mee te doen aan De Pap penheimers , tenminste. Om de SP.A te redden zijn ze volkomen ongeschikt. Aan het onvermogen van deze SP.A-generatie om zelfs maar een greintje geloofwaardigheid uit te stralen, ligt altijd diezelfde tragische communicatiefout ten grondslag: hoe krampachtiger men de perceptie probeert te sturen, hoe minder men daarin slaagt.

Neem nu het allernieuwste woordje dat de SP.A heeft ontdekt. Van Velthoven en Gennez gebruiken het al volop en ook Smet was er erg kwistig mee in De keien van de Wetstraat . Het is een woordje dat u de komende maanden vaker zult horen dan u lief is.

Eerlijk.

In het persbericht dat de partij verspreidde naar aanleiding van de roadshow lazen wij onder de titel Een eerlijke oproep onder meer: 'De politiek moet nu de leiding nemen om eerlijke keuzes te maken. Wij kiezen voor de eerlijke samenleving. Een keuze voor een samenleving die ijvert voor eerlijke verloning voor werk, zekere jobs en eerlijke prijzen. Een keuze voor een samenleving die zekerheid biedt voor eerlijk verdiend spaargeld, een waardige oude dag garandeert en investeert in de economie van de toekomst. Een keuze voor een samenleving waarin mensen samen de toekomst sturen via een eerlijke overheid, een samenleving die investeert in de toekomst van haar kinderen.'

Onder Patrick Janssens waren het 'gelijke kansen', als kandidaat-voorzitter had Gennez het voortdurend over 'vrijheid' en 'zekerheid', vandaag is het dus 'eerlijkheid'. Wij zijn nu al benieuwd wat het straks zal worden, na de verkiezingsnederlaag van juni 2009.

Tof? Cool? Sexy? Wijs?

Nieuw zijn zulke politieke wonderwoordjes uiteraard niet. Maar wat deze socialistische boegbeelden en hun mediatrainers annex communicatieadviseurs echt niet lijken te begrijpen, is dat je eerst een cadeau moet hebben voor je het kunt inpakken.

In dat verband: 't is wel een leuk gezelschapsspel voor de feestdagen. Iedereen turft hoe vaak een socialist op radio, televisie of in de krant het heeft over 'verontwaardiging' (1 punt), hoe vaak hij beweert dat de partij er is 'voor iedereen' (2 punten) en hoe vaak hij 'eerlijk' (3 punten) zegt - 'eerlijke verontwaardiging' is 4 punten waard.

Joël De Ceulaer

door Redactie Knack | | reacties | reageer hier

 

Sire,

U begon 'm waarschijnlijk flink te knijpen toen u vorige week vernam dat uw koninkrijk twee keer zo snel opwarmt als de rest van de aarde. Alsof u nog niet genoeg aan uw hoofd hebt! Toch hoeft u zich geen zorgen te maken. Het politieke geknoei heel even niet te na gesproken gaat het erg goed met het land en uw onderdanen. Zeker wat betreft de regio benoorden de taalgrens kan ik u geruststellen: wij mogen niet mopperen.

Dat leid ik af uit wat men in het graafschap Vlaanderen tegenwoordig als nieuws beschouwt. Als aandachtig waarnemer weet u even goed als ik dat de televisiejournaals hier al lang verworden zijn tot een soort servicerubriek. De hardwerkende Vlaming kan elke avond om zeven uur afstemmen op een zender naar keuze om te vernemen hoe de aardappelprijs evolueert, waar de langste files staan en of de horecabazen aan onze kust die dag wel genoeg poen hebben gepakt. Voor de wat serieuzere items kan men terecht bij 1000 Zonnen of De Rode Loper. De openbare en de commerciële omroep zijn in dezen trouwens grotendeels inwisselbaar. Al kijk ik zelf het liefst naar het VTM-nieuws met Dany Verstraeten, vooral omdat ik bij Wim De Vilder, Freek Braeckman en Goedele Wachters tegenwoordig soms zit te denken: wie gelóóft die mensen nog?

Hoe dan ook, sire, kent men in het noorden van uw rijk alleen nog maar luxeprobleempjes. Als het zo doorgaat, komt er een dag dat men het nieuws opent met de mededeling dat een vrouw lelijk ten val is gekomen ten gevolge van een loszittende stoeptegel.

Donderdag begon het VTM-nieuws met beelden van een stilstaande trein, vergezeld van de onheilspellende tekst: Vast in hete trein. In mijn hoofd werden terstond de gruwelijkste scenario's uitgerold. Was het een kaping? Een gijzeling? Lag er een tijdbom in de trein? En wie waren de daders? Moslims? Walen? Franstalige Brusselaars? Ik hield mijn adem in tot Dany Verstraeten het woord nam. En weet u wat er aan de hand was?

Niets. Of ja, er was een probleempje met de bovenleiding op de lijn Brussel-Leuven, waardoor die trein een uurtje oponthoud had geleden. Toch waren de hulpdiensten massaal ter plaatse gesneld: van brandweer tot urgentiearts. Later in diezelfde nieuwsuitzending was er even aandacht voor asielzoekers die in een kraan waren geklommen - geen urgentiearts of brandweer te bekennen -, maar nóg meer zendtijd werd uitgetrokken voor de uitsmijter: in Sint-Niklaas was De mooiste asielhond van het land verkozen.

Zaterdagavond had het nieuws een culinaire toets. Een eerste puntje van zorg was de kwaliteit van de Belgische mossel. Voorts was er aandacht voor het festival van Dranouter, waar - hou u vast, sire - een heuse sterrenkok zijn kraampje op de weide had geplant, zodat men muziek kon combineren met gastronomie. Voor zover de wildgroei aan kookprogramma's dat nog niet ruimschoots had aangetoond, leerden we hieruit nog maar eens dat de Vlaming eigenlijk maar in één ding geïnteresseerd is.

In eten.

En nu we het toch over Bart De Wever hebben: ook hij kwam vorige week met een nieuwswaardig gebeurtenisje voor de dag. Nadat hij de Franstaligen in Vlaanderen immigranten had genoemd, die zich moeten aanpassen zoals de Turken en de Marokkanen, had hij wat haat- en dreigmails ontvangen. Hebt u die toevallig gelezen, sire? Hoeft niet, hoor. Ik kan u verzekeren: ook dát viel reuze mee, zeker als je die mails vergelijkt met het schuimbekkende haatproza dat hier weleens wordt geproduceerd door de betere Vlaams-nationalist. Om maar te zeggen: dat nieuwtje van De Wever was het zoveelste valse alarm van de week, de zoveelste bevestiging dat Vlamingen verwend worden door het leven. Wij stellen het goed, sire, u kunt op uw twee oren slapen.

Alleen Yves Goedbestuur baart mij zorgen. In het weekend had hij zowel de televisiezenders als de kranten bereid gevonden om de boodschap te verspreiden dat hij - ik citeer - 'koppig' is en 'hardnekkig', dat het hem 'menens' is, dat hij 'voet bij stuk' houdt, 'niet bij de pakken blijft neerzitten', 'niet stopt' en 'niet ophoudt'. Bovendien is hij ervan overtuigd dat hij verantwoordelijk is voor een 'historisch kantelmoment'. Ik ben bang dat hij gelijk heeft. Ik vrees, sire, dat onze échte problemen pas zullen beginnen als straks ons graafschap onafhankelijk is.

Joël De Ceulaer

door redactie knack | | reacties | reageer hier

 

Beste Kathleen Van Brempt,

Mocht iemand ooit het plan opvatten om ter lering en vermaak van het nageslacht een aantal representatieve politici in te vriezen, dan zou ik u willen voordragen als een specimen van de Gemediatrainde Generatie. U bent zo grondig gedrild om louter minzaam in beeld te komen dat het lijkt alsof u in trance gaat zodra er een camera op u wordt gericht. Nooit valt er van uwentwege een onvertogen of overdreven moeilijk woord, u zegt alles met de toegankelijkste glimlach denkbaar. Soms, wanneer u het hoofd een weinig naar rechts laat kantelen, ben ik bang dat u een kinderliedje gaat aanheffen - zo voorzichtig en zacht en kalm en beheerst komt u over. Elk greintje authentieke emotie of verontwaardiging is er de afgelopen jaren door uw mediatrainer vakkundig uitgeranseld.

Ziehier de tragiek: u bent zo afgetraind dat het contraproductief is geworden. Elke keer als er de voorbij jaren een SP.A'er van uw generatie in beeld kwam, liepen duizenden kiezers gillend weg naar uw collega's ter rechterzijde. Men kan gerust stellen dat u met z'n allen uw partij in de vernieling hebt geglimlacht. Mocht u de fortuinen die uw trainer al kon factureren hebben besteed aan het geven van rondjes in het café, dan zou de SP.A er vandaag beter voorstaan.

Maar ter zake. Ik schrijf u deze brief om u te behoeden voor groot onheil. Om uw aandacht te vragen voor een dossier waarin u dringend van koers moet veranderen - of er zal bloed vloeien. En dat is geen dreigement, dat is een voorspelling.

Ik heb het over het proefproject Rijbewijs op school , waarvan u als Vlaams minister van Mobiliteit vorige week de eerste cijfers bekendmaakte. Van de 1342 leerlingen uit de derde graad van het middelbaar onderwijs die vorig jaar hun theoretisch rijexamen op de schoolbanken aflegden, was ruim 55 procent geslaagd. Een stuk meer dan de 48 procent die datzelfde examen met succes aflegt in de examencentra. Het zijn bemoedigende cijfers waarmee u bijzonder tevreden bent, liet u ons weten middels een persbericht.

Op het eerste gezicht betreft het hier inderdaad een initiatief waarvan men zegt: dat we dáár niet eerder op gekomen zijn. Als onze kinderen op de schoolbanken al worden voorbereid op hun gemotoriseerde aanwezigheid in het verkeer, dan zullen onze wegen vast veel veiliger worden. Jonge chauffeurs zullen de verkeersregels beter kennen en zullen zich beter bewust zijn van al de gevaren. Gevolg: minder ongevallen, minder doden - een betere wereld, kortom.

Helaas zou het tegendeel weleens waar kunnen zijn. Rijbewijs op school is vermoedelijk een, euh, schoolvoorbeeld van een contraproductieve maatregel, die levens kan kosten.

U fronst de wenkbrauwen en kantelt het hoofd van verbazing een weinig naar links? Dat begrijp ik. Maar denkt u alstublieft even met mij mee. Als jongeren voor problemen zorgen in het verkeer, dan is dat niet omdat ze de verkeersregels onvoldoende kennen, of omdat ze niet weten dat alcohol en drugs en snelheid gevaarlijk zijn. Geloof me, dat wéten ze allemaal.

Nee, als jongeren voor problemen zorgen in het verkeer, dan is dat omdat ze jóng zijn, en dus nogal roekeloos, onbezonnen, onstuimig, impulsief - niet altijd, en niet allemaal, maar wel over het algemeen genomen. Nu, als jongeren al op de schoolbanken hun rijexamen kunnen afleggen, winnen ze tijd en zullen de nieuwe chauffeurs op almaar jongere leeftijd in het verkeer terechtkomen. Gevolg: het verkeer wordt ónveiliger, niet veiliger.

Ja, dat is tegenintuïtief, dat druist in tegen elk gezond verstand. Maar als men rationele beslissingen wil nemen, moet men zijn gezond verstand nu eenmaal soms de nek omwringen. U hoeft mij ook niet te geloven. Laat uw medewerkers maar eens uitzoeken welke ervaringen men met dit systeem heeft in het buitenland. Desgevraagd stuur ik u het artikel uit New Scientist , waarin de neveneffecten van het systeem onlangs werden aangestipt.

Bent u dan machteloos? Nee. U kunt wel degelijk proberen om jongeren beter voor te bereiden op het verkeer. Maar dan niet door hen examenstof te geven, wel door hen te leren hoe ze in het verkeer altijd voorzichtig en zacht en kalm en beheerst moeten blijven. Yogalessen zijn in dat verband een beter idee dan verkeerslessen. Of misschien ligt hier nog wel een mooie uitdaging voor uw mediatrainer.

door redactie knack | | reacties | reageer hier

 

Beste Wendy Van Wanten,

Decennialang werd de kneuterigheid van onze volksaard perfect weerspiegeld in de kolommen van onze roddelpers. In onze buurlanden kamperen paparazzi desnoods weken in een vuilnisemmer om toch maar die ene bezwarende foto te kunnen maken, bij ons vormt een onschuldig kiekje van Goedele Liekens met haar nieuwe vriend al de aanleiding voor een breed maatschappelijk debat over journalistieke deontologie. Ook van de schandalen waarmee de buitenlandse societybladen elke week uitpakken, bleef de Vlaamse lezer tot voor kort verstoken.

Maar het tij begint te keren. Sinds een nieuwe generatie bladenmakers het roer in handen heeft, wordt de toon van Story en Dag Allemaal iets agressiever en mag men er als BV niet meer van opkijken als men eens op een minder constructieve manier in beeld komt. U kunt ervan meespreken. Vorige week maakte uw raadsman bekend dat u overweegt om gerechtelijke stappen te ondernemen tegen Dag Allemaal . U voelt zich al maanden het slachtoffer van een heuse lastercampagne en zou willen dat - ik citeer - 'het jachtseizoen' wordt gesloten.

Nu heb ik dat even nagekeken in de knipselmappen, en de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat Dag Allemaal de laatste tijd inderdaad haast uitsluitend uitpakt met weinig verheffende verhalen over uzelf en uw Franske. In oktober vorig jaar, toen u aankondigde met voornoemde Frans in het huwelijk te zullen treden, was er nog geen vuiltje aan de lucht. Maar in november kantelde de sfeer en besloot de redactie op zoek te gaan naar uw 'verborgen verleden'.

Het begon met Jackie en Mark, twee schimmige boys die ooit uw lijfwachten waren. Onder de titel Het schrijnende verhaal van een eenzame diva portretteerden zij u als een op geld beluste feeks met sterallures. Zij onthulden tevens dat u niet alleen jarenlang een relatie hebt gehad met prins Laurent, die volgens hen wel degelijk de vader van Clément is, maar dat u heel veel rijke en machtige mannen voor de gek hebt gehouden. Wij leerden voorts dat u in de soap Wendy en verwanten komedie speelde, dat u er nooit was voor uw oudste zoon en dat u géén echte vrienden hebt. Zo stond het er, inclusief de accenten: 'Wendy heeft géén echte vrienden.' Elders in het blad werd een beroepsmuzikant bereid gevonden om te verklaren dat u, in weerwil van het feit dat u een zangeres bent, eigenlijk niet kunt zingen.

In december werden de dochters uit het eerste huwelijk van Frans erbij gehaald. Zij kwamen onder meer getuigen dat ze niet mogen delen in het geluk van hun vader, dat hij tegen hen gelogen heeft, hen zelfs gechanteerd heeft. Een van hen zei: 'Ik mocht naar het verjaardagsetentje van mijn vader komen, maar enkel voor het dessert.' Het artikel dat vorige week voor u de doorslag gaf, was een interview met Koen Crucke, die zegt dat u zich 'hautain en respectloos' gedraagt en daarna de uitspraak van het jaar doet: 'Ik moest horen dat mijn echtgenoot Jan en ik zogezegd achter Wendy's rug hadden geroddeld. Ik zweer dat wij zoiets nooit hebben gedaan.' Maar wél drie pagina's lang uw vuile was buitenhangen.

Blijkbaar hebt u eind oktober iets gedaan waardoor de toorn van de redactie over u is neergedaald. Uit een verhaal in TV Familie , het kleine broertje onder de roddelbladen, meen ik te mogen afleiden wat dat was: u had met betrekking tot uw huwelijk, dat net op de valreep werd afgeblazen, een deal gemaakt met zowel Story als Dag Allemaal . En dat is u wellicht zuur opgebroken. Het goede nieuws is dat u nu bij Story nog altijd vriend aan huis bent.

Ik verwacht dat we dat in het kader van een genadeloze concurrentiestrijd steeds vaker zullen zien: vedetten die moeten kiezen aan welk blad ze hun lot verbinden. Wordt Ignace Crombé bezwadderd in Story ? Hij mag zijn nieuwe vriendin voorstellen in Dag Allemaal . Verkoopt Jo Vally het verhaal van zijn huwelijksperikelen aan Story ? In Dag Allemaal wordt onthuld dat het allemaal flauwekul is.

Bekend Vlaanderen zal daarmee moeten leren leven. Als ik u één raad mag geven: laat die gerechtelijke stappen maar zitten. Tegen een journalist of hoofdredacteur die besloten heeft om echt met iemand af te rekenen, is toch geen kruid gewassen. Zelfs als u moegetergd uit het raam zou springen, komt dat de oplage alleen maar ten goede.

Maar ik wens u veel sterkte. En doe de groeten aan Frans.

Joël De Ceulaer

door redactie knack | | reacties | reageer hier

 
Joël De Ceulaer