KLASSIEK: Consequent vervelend (* * 1/2)

©Mario Del Curto

Gezien op 30/1 in Antwerpen, deSingel: I went to the house but did not enter van Heiner Goebbels met het Hilliard Ensemble

De vier heren van het Engelse Hilliard Ensemble zingen meestal middeleeuwse muziek. In I went to the house but did not enter , speciaal voor Hilliard geschreven, zitten ze echter in een hedendaagse muziektheatervoorstelling van de Duitse componist/regisseur Heiner Goebbels. De samenwerking is nochtans niet zo verwonderlijk aangezien beide zijn gehuisvest bij het platenlabel ECM. Hilliards typische a capella manier van zingen, zonder enige instrumentele begeleiding dus, gecombineerd met hun ietwat kleurloze voorkomen past bovendien wonderwel bij de teksten die Goebbels voor deze voorstelling koos. Teksten rond monotonie, trivialiteit en de nutteloosheid van het bestaan. Maar of het ook boeiend theater opleverde, of boeiende muziek, is een andere zaak.

I Went to the House bestaat uit drie tableaus, verpakt in verleidelijke decors en een meesterlijke belichting. De teksten, met de vertaling boven het toneel geprojecteerd, zijn: The Love Song of J.Alfred Prufrock van T.S.Eliot (1917), La folie du jour (1973) van Maurice Blanchot, Der Ausflug ins Gebirge (1913) van Franz Kafka en Worstward Ho (1983) van Samuel Beckett. Betekenis is in deze teksten vaak moeilijk te achterhalen, de samenhang tussen de zinnen is onduidelijk. Deze schrijvers/poëten deelden een afkeer voor romantische bespiegelingen en zochten naar een symbolische, suggestieve taal. Daarnaast lieten zij liefst de uitgebluste, verveelde mens aan het woord, of lieten hem vastlopen in nutteloze handelingen. Heiner Goebbels koos ervoor het tekstgeheel te vergezellen van een soort mantra, een litanieachtige, monotone samenzang, die amper als muziek ervaren wordt. De in grijze tweed , bretellen en hoeden gehulde mannen van Hilliard reciteerden 2 uur lang, vaak minutieus gelijktijdig, hun tekst. Een loodzware opdracht om die uit het hoofd te leren! Ze speelden hun rol als grijze muis overtuigend en deden hun uiterste best om zo verveeld mogelijk over te komen. Heel af en toe mocht er gelachen worden. Scenografie en lichtontwerp, beide van Klaus Grünberg, waren, het moet gezegd, subliem: een burgerlijk salon in grijstinten, een rijtjeshuis met drie ramen en een openstaande garagepoort bij het ochtendgloren, een statige hotelkamer uit de jaren '30.

Maar je mocht naar deze voorstelling niet gaan met in je hoofd de boeiende, overrompelende, subtiele mix van klanken die Goebbels eerder creëerde voor pakweg Surrogate Cities of Schwarz auf Weiss . Met electronica deed hij daarin waanzinnig mooie dingen. Deze voorstelling was anders. Dit was kurkdroog. Dit was in feite anti-muziek en vrij onaangenaam om uit te zitten. Goebbels is erg consequent geweest in het uitwerken van de muzikale verpakking bij de tekst, maar dat de drie tableaus alle even veel inspanning tot genieten vergden, was te veel van hetzelfde. Al vrij vlug trouwens, na het eerste tableau, verliet een handvol toeschouwers de zaal. Dit soort theater, dit soort muziek roept, jawel, wrevel op.

Greet Van 't veld

www.desingel.be
www.heinergoebbels.com

door Redactie Knack | | reacties | reageer hier

ongepaste reactie?


 
Knack heeft een hart voor cultuur en volgt het reilen en zeilen binnen de media op de voet. Op deze blog worden recensies, commentaren en bespiegelingen verzameld over kunst & cultuur, radio & televisie en andere (nieuwe) media.