Het ergste concert ter wereld
Nieuwjaar, het gladde ijs wenkt weer uitnodigend. Vlug, mijn schaatsen!
Als er voor mij één icoon bestaat van alles wat een klassiek concert absoluut nooit mag zijn, dan is het de jaarlijkse show op 1 januari van de Wiener Philharmoniker. Al sinds mijn kindertijd roept het Nieuwjaarsconcert gevoelens op van eindeloze verveling, oppervlakkige en geforceerde vrolijkheid, vermolmde tradities, een totaal gebrek aan creativiteit. Dat alles uitgevoerd met een perfectie, een véél beter doel waardig.
Glad ijs is dit, omdat ik het gevoel heb dat weinig muziekevenementen zo generatie- en statusgebonden zijn als dit. Er zijn écht mensen die elk jaar weer wild worden als An der Schönen Blauen Donau of de Radetzky Marsch wordt ingezet, die wegsmelten van smokings en bloemen, die het een toppunt van uitbundigheid vinden als dirigent Mariss Jansons (in 2006) een pistool in de lucht afvuurt. Mij deed dat gebaar terugdenken aan de Tsjetsjeense gijzelingsactie in Moskou, vier jaar daarvoor.
"Er zit een uitknop aan je tv!", roept u nu. De uitknop van mijn eigen tv heb ik min of meer onder controle, maar Nieuwjaar is nu eenmaal een dag die je vaak elders doorbrengt. En altijd kom je dan wel in een huiskamer terecht waar het concert fungeert als achtergrondbehang. De beelden zijn trouwens een perfecte versterking van de landerigheid die de muziek oproept: olijk kijkende muzikanten (bijna allemaal mannen: het W.Ph. heeft de jongste tien jaar vijftig mannen en zes vrouwen aangeworven, waaronder twee harpspeelsters die nooit in beeld komen en twee violistes die na korte tijd weer ontslagen werden), fade-outs van zwiepende balletrokjes en de spuitende fonteinen van Schloss Schönbrunn. Vroeger op vrij bescheiden beeldbuizen, vandaag op flatscreens van minstens een meter lang.
Eigenlijk is de perfectie het ergst. Het schansspringen is bijvoorbeeld minstens even saai om naar te kijken, maar af en toe wordt daar nog eens iemand uit de sneeuw gedolven met de punten van zijn ski's naar beneden. Het zwaarste incident dat er ooit tijdens een Nieuwjaarsconcert heeft plaatsgehad, heeft nota bene von Karajan op zijn geweten. Hij wou in 1987 als eerste bisnummer de Donau inzetten, maar dat is traditioneel verboden. De concertmeester keek hem hoofdschuddend aan, Karajan rolde met de ogen en schikte zich naar de vaste volgorde. Vandaag, twintig jaar later, wordt daar nog altijd over gesproken.
Graag nomineer ik dus het Nieuwjaarsconcert vanuit de Gouden Zaal van de Wiener Musikverein, compleet met het commentaar dat klinkt of het uit een verroest blik wordt opgelepeld, als het verschrikkelijkste muziekevenement van het jaar.
Wat zegt u? De Last Night of the Proms vanuit de Royal Albert Hall?
OK, u wint.
Peter Vandeweerdt